Naar hoofdinhoud Naar footer

Interview huisarts Annet Wind: ‘Huisarts heeft sociaal werk hard nodig’

Gepubliceerd op: 19-03-2019

Goede ouderenzorg staat of valt met samenwerking. Huisarts Annet Wind merkt het in haar praktijk in Hoorn: de van oudsher gescheiden werelden van zorg en welzijn komen steeds meer samen. En dat is ook hard nodig bij de complexe problematiek die ouderenzorg vaak kent. ‘Deze zorg is niet te vangen in protocollen en vraagt om goede samenwerking tussen huisarts en het sociaal werk, maar ook wijkverpleegkundigen, paramedici en vele anderen. Dat is ook juist wat ik er zo boeiend aan vind.

Annet Wind heeft een volle agenda: ze is niet alleen huisarts, maar werkt ook bij de afdeling Public Health en Eerstelijnsgeneeskunde van het LUMC en de NHG-kaderopleiding ouderengeneeskunde. Daarnaast is ze bestuurslid van Laego, het landelijk netwerk van kaderhuisartsen ouderengeneeskunde. Zo ziet en spreekt ze veel andere huisartsen. ‘Veel huisartsen hebben het gevoel dat ze bezig zijn met brandjes blussen, terwijl het huis zelf op instorten staat. En dat moet aangepakt worden. Het besef dat je anderen nodig hebt bij de zorg voor ouderen is er echt wel onder huisartsen. Daar is veel in veranderd in de afgelopen tien jaar.’

Kom tot een goede samenwerking met de huisarts in jouw wijk (zie afbeelding bij Downloads).

Medisch en sociaal

Het medische plaatje hangt altijd samen met psychische en sociale factoren. Iemand komt met fysieke klachten op het spreekuur, maar de oplossing kan meer in de sociale hoek liggen. ‘We kijken veel breder. Een oudere kan in een sociaal isolement terecht zijn gekomen en daardoor ook medische klachten ontwikkelen. Vaak is het dan zo dat de praktijkondersteuner een afspraak maakt bij de oudere thuis. Samen gaan ze na hoe het gaat op verschillende vlakken. Hoe functioneert iemand thuis? Hoe ziet het sociaal leven van een oudere eruit en wat vindt hij of zij belangrijk?’ Hierin is de sociaal werker een belangrijke samenwerkingspartner.

Een voorbeeld uit de praktijk

Mevrouw Huisman* is 86 jaar, alleenwonend en komt steeds minder buiten de deur. Ze heeft ernstige artrose en hartfalen waardoor ze snel uitgeput is. Ook het koken wordt haar teveel. Ze eet weinig en is wat afgevallen. Ze komt graag onder de mensen, maar de afstanden zijn te groot en ze is bang om te vallen. Haar kinderen wonen niet in de buurt.

De gezamenlijke aanpak:

Via een sociaal werker is geregeld dat ze elke week twee keer naar het buurtcentrum gaat, waar ze andere mensen ontmoet en ook warm eten kan. Op twee andere dagen komt een vrijwilliger bij haar thuis om samen te koken en te eten. Haar kinderen verdelen onderling wie boodschappen doet in het weekend.

*Deze naam is gefingeerd.

Investeringstijd

De hobbels op de weg die Wind ziet, zijn vooral praktisch van aard. 'Het bord van de huisarts is overvol. En deze samenwerking vraagt om investeringstijd. Je hebt er overleg voor nodig binnen je praktijk en met betrokken instanties.' Ook moeten de huidige systemen financieel en organisatorisch doorontwikkeld worden, zodat de verschillende disciplines op een efficiënte manier met elkaar kunnen samenwerken.

Tips voor samenwerking medisch en sociaal

De samenwerking tussen de huisarts en het welzijnswerk komt niet altijd even goed van de grond. Soms blijft het steken op verschillen in werkwijze en taalgebruik. Wind ziet dat veel huisartsen openstaan voor de samenwerking, maar niet goed weten waar te beginnen. Het helpt als hulpverleners wijkgericht werken en elkaar kennen. Zoek je als welzijnswerker de samenwerking op? Een aantal tips van Annet Wind:

1. Ga een kennismakingsgesprek aan bij de huisarts bij jou in de buurt. 

Dit kan direct via de huisarts, maar de praktijkondersteuner of assistente zijn vaak ook goede ingangen.

2. Zorg voor een korte pitch

Hierin maak je duidelijk wie je bent, wat je doet en hoe je te bereiken bent. Bedenk hoe jouw activiteiten de huisarts kunnen ontlasten. Door aandacht voor dagbesteding, beweegprogramma’s en aanpassingen in huis, zit een patiënt waarschijnlijk minder op het spreekuur.

3. Begin vanuit de praktijk met één casus

Laat ingewikkelde plannen en samenwerkingsafspraken in eerste instantie achterwege. Na een geslaagde samenwerking, kun je elkaar gemakkelijk weer vinden en weet je beter wat je van elkaar kunt verwachten. Daarna kan de samenwerking groeien.

4. Koppel duidelijk terug en reageer vlot

Laat weten wat je doet en wat de voortgang is. Dit kan kort en puntig en eventueel per e-mail.

5. Registreer alleen de informatie die je nodig hebt

Veel huisartsen zijn huiverig over de privacy van patiënten. Wat gebeurt er met gegevens? In wat voor systeem belandt dit en wat weet de gemeente hier vervolgens van? Vaak heb je geen compleet medisch beeld nodig en helpt het om alleen de strikt noodzakelijke informatie te registreren.

Lees verder

Downloads

Deel deze pagina via: