Maak het makkelijker voor mensen met dementie

09 maart 2017

Domeinoverstijgend werken helpt

Nu senioren langer thuis blijven wonen trekken zorg- en sociaalwerkorganisaties steeds intensiever met elkaar op. Dat klinkt simpeler dan het is. Goede wil is er vaak voldoende, maar werkwijzen, protocollen en geldstromen sluiten niet per definitie op elkaar aan. Nodig is “domeinoverstijgend werken”, bijvoorbeeld rond mensen met dementie. In Ede hebben ze er ervaring mee.

Kars HazelaarDe diagnose “dementie” is doorgaans de eerste bladzijde van een boek met een tragisch einde. ‘Het is voorlopig nog een ongeneeslijke ziekte, die leidt tot een periode van gestage achteruitgang en na gemiddeld zeven jaar tot het overlijden van de patiënt.’ Kars Hazelaar (bestuurder van Opella) windt er geen doekjes om. ‘Dementie is een drama voor degene die het overkomt en diens naasten.’

En alsof dat nog niet erg genoeg is, brengt de diagnose doorgaans ook een immense papierwinkel met zich mee. ‘In die zeven jaar krijg je onder andere te maken met de gemeente, zorgverleners, zorgverzekeraars, de Wmo, de Zorgverzekeringswet en de Wlz. En helaas ook met steeds wisselende contactpersonen.’

Vandaar dat Opella zich inspant om daar meer eenheid in te brengen. ‘Wat zou het mooi zijn als je vanaf de eerste dag na de diagnose dezelfde contactpersoon houdt. Iemand die jou en je situatie kent en die kan helpen om noodzakelijke veranderingen zo soepel mogelijk te laten verlopen. Denk aan dagbesteding, tijdelijke opnames, of uiteindelijk soms de opname in een verpleeghuis.’

Papierwinkel omzeilen

Die contactpersoon kan ook een uitkomst zijn bij praktische zaken. ‘Hoe lang iemand met dementie thuis kan wonen heeft vaak te maken met veiligheid. Daar zijn hulpmiddelen voor, maar als je een laag inkomen hebt moet je daarvoor naar de gemeente. Dan kan het weken duren. Wij willen graag dat onze professionals zelf snel iets kunnen regelen, inclusief de financiering. Ook gezien de tamelijk voorspelbare verloop van de ziekte ligt dat voor de hand. Vergelijk het eens met een winkel. Wie een nieuwe stofzuiger koopt verwacht toch ook niet dat je eerst tientallen formulieren moet invullen en dat je een andere verkoper krijgt als je er een verlengsnoer bij wilt?’

Bekendheid geeft rust

Die ene contactpersoon kan een casemanager dementie zijn, maar ook een maatschappelijk werker of een huishoudelijke zorg. ‘Het belangrijkste is dat die contactpersoon de familie kent en dat er een klik is. Diegene regelt niet alles zelf maar is als regisseur wel het vaste aanspreekpunt. Dat geeft zoveel rust.’

"Ik woon in een dijkhuis aan de Merwede. Op mijn tachtigste hopelijk nog steeds, zodat ik zo lang mogelijk zelf kan bepalen hoe mijn leven eruit ziet. Vanwege de lintbebouwing moet je hier wel wat moeite doen om je buren te spreken, maar er is een enorm dorpsgevoel, iedereen kent elkaar."
Kars Hazelaar

Altijd uitgaan van de cliënt

Andere partijen kunnen zich vinden in de suggesties van Opella. Kars Hazelaar: ‘Met de gemeente Ede kijken we bij alle wettelijke veranderingen in zorg en ondersteuning steeds hoe we die voor burgers en cliënten zo goed mogelijk kunnen doorvoeren. Ook met zorgverzekeraars en het ministerie (VWS) hebben we daarover vaak contact. Bovendien hebben we een plan opgesteld dat ruimte schept voor dergelijke oplossingen. Hopelijk stuurt de staatssecretaris dat nog voor de verkiezingen naar de Tweede Kamer.’

Toch zal de introductie van een vaste contactpersoon veel tijd vergen. Kars Hazelaar: ‘Daarom beginnen we in Ede vast met een proef met 10 cliënten. Wat heb je allemaal nodig, waar loop je tegenaan, hoe kun je procedures versimpelen?’

Ontmoetingsplekken

Welzijnsorganisatie Malkander in Ede werkt vooral voor mensen met beginnende dementie en hun mantelzorgers. Directeur Judith Hopster: ‘We doen mee in het ketennetwerk Dementie. We zetten ontmoetingsplekken op en trainen vrijwilligers en anderen die met dementerenden werken’. Monique Stienstra (Manager Welzijn): ‘Ook regelen we maatjes voor mensen met dementie. Die leiden we op en ondersteunen we.’

Ook dan kunnen domeingrenzen hinderlijk zijn, bijvoorbeeld bij de financiering van activiteiten. ‘Zorgorganisaties hebben vaak klantfinanciering. Dat is lastig als je een collectief aanbod wil leveren, zoals een huiskamer. Soms trekken zorgpartners zich terug zodra hun eigen cliënten er niet meer komen.’

Voor een breed publiek

Het verminderen van intramurale zorg in en rond Ede heeft ertoe geleid dat in de ontmoetingsplekken ook senioren komen met zwaardere klachten. Monique Stienstra: ‘Dat ondervangen we deels door vrijwilligers bij te scholen, maar soms is het nodig om professionals aan te haken. Wil je die plekken overeind houden, dan moeten ook zorgpartijen meedoen.’

"Op mijn tachtigste? Dan woon ik nog lekker in mijn eigen huisje. In een gezel-lige buurt, met hopelijk voldoende sociale contacten. Want het punt is: ouderdomskwalen zijn vervelend, maar zorg krijg je wel geregeld. Eenzaamheid is vaak moeilijker te bestrijden."
Monique Stienstra

Gelukkig ziet de gemeente Ede het nut in van dergelijke laagdrempelige ontmoetingsplekken. Monique Stienstra: ‘Ze financieren een projectleider om het aantal plekken uit te breiden. Daar kunnen uiteenlopende mensen terecht; niet alleen senioren, maar ook mensen met een psychiatrische achtergrond, met een verstandelijke beperking, mensen zonder werk, dakloze jongeren. We volgen daarbij het Apeldoornse model: wat heeft de buurt nodig en wat willen de bewoners?'

Durven experimenteren

Enige voorzichtigheid is geboden. ‘Je moet doelgroepen niet mengen als ze daar nog niet aan toe zijn. Daar moet je zorgvuldig mee omgaan.’

"Het belangrijkste is dat er ruimte is voor mijn persoonlijke voorkeuren. Ook als ik fysiek niet meer alles zelf kan doen wil ik aan zet kunnen blijven. En af en toe een reisje…"
Judith Hopster

De grote meerwaarde van domeinoverstijgend werken en de transitie in het sociaal domein is immers dat je iemand kunt bieden wat hij nodig heeft, benadrukt Judith Hopster. ‘Onafhankelijk van wat het systeem heeft geregeld. En dat is soms een kwestie van durven experimenteren. Dat sluit naadloos aan bij ons geloof in een samenleving waarin we naar elkaar omkijken, waarin jong en oud kan meedoen en zich kan ontwikkelen in eigen tempo. Een voorbeeld? Mensen met beginnende dementie passen op een gegeven moment niet meer in het reguliere arbeidsproces, maar je kunt best vrijwilligersbanen zoeken die aansluiten bij hun vroegere werk of hun talenten. Zo hebben we onlangs iemand kunnen plaatsen bij een slagerij.’

Marktwerking in de mantelzorg

Cruciaal is bovendien voldoende ondersteuning voor de onmisbare mantelzorgers. Daarbij voorziet Judith Hopster nog wel een probleem. ‘Je ziet nu ook marktwerking in de mantelzorg. Op zich geen ramp, ware het niet dat niet iedereen dat kan betalen. Neem het zorghotel dat zich tijdelijk ontfermt over je dementerende partner, zodat je even op adem kunt komen. De commerciële eigenaar daarvan kan wel claimen dat je hooguit € 20 per nacht hoeft bij te betalen, maar voor sommige mensen is ook dat te duur. Als samenleving moet je ook hen goede ondersteuning bieden. Met elkaar, voor elkaar!’

Meer informatie

Reageer

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen [].
Voorbeeld: [www.voorbeeld.nl] of [http://www.voorbeeld.nl]
Velden met een (*) zijn verplicht.

Deze website gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.

Meer weten...