Samenvatting onderzoek prevalentie, diagnostiek en behandeling van hartfalen bij verpleeghuisbewoners

Uit het onderzoek blijkt dat hartfalen veel meer voorkomt bij verpleeghuisbewoners dan eerst gedacht. Behandeling van hartfalen kan beter, ook door inzet van niet-medicamenteuze therapie. Lees de samenvatting van het onderzoek.

 

Het project beschrijft hoe vaak hartfalen voorkomt onder somatische en psychogeriatrische verpleeghuisbewoners van 5 grote zorgorganisaties in Zuid-Limburg. Verder is er aandacht voor: welke diagnostiek en behandeling vinden momenteel plaats? Zijn deze te verbeteren? Wat is de relatie tussen hartfalen en zelfredzaamheid, kwaliteit van leven en zorgafhankelijkheid?

Conclusie

De belangrijkste conclusie is dat hartfalen veel voorkomt bij verpleeghuisbewoners. Behandeling gebeurt vaak niet volgens de gangbare richtlijnen. Er is nauwelijks inzet van therapie zonder medicijnen, of dit is niet in het behandelplan opgenomen.

Resultaten

Hartfalen komt bij 33% (N=166/501) van de verpleeghuisbewoners voor. Voor somatische verpleeghuisbewoners is dat 38% (N=67/175) en voor psychogeriatrische bewoners 30% (N=99/326).
Slechts bij 19% van de verpleeghuisbewoners met hartfalen vindt behandeling conform de richtlijn van de European Society of Cardiology plaats.

Doel

Doelstellingen van het onderzoek:

  • het vergroten van de kennis over het voorkomen, de diagnostiek en de behandeling van hartfalen in verpleeghuizen
  • het verkrijgen van inzicht in de zelfredzaamheid, zorgafhankelijkheid en kwaliteit van leven van verpleeghuisbewoners met hartfalen
  • het verbeteren van de diagnostiek en behandeling van verpleeghuisbewoners met hartfalen

Methode

Alle deelnemers ondergingen de volgende onderzoeken uit:

  • een volledig op HF gericht lichamelijk onderzoek
  • een ECG
  • een NT-pro BNP bepaling
  • een echocardiogram op locatie

De onderzoekers verzamelden aanvullende gegevens uit het medisch dossier.
De deelnemers kregen daarnaast vragenlijsten voorgelegd ter beoordeling van de kwaliteit van leven, de zorgafhankelijkheid en het cognitief functioneren. Een expertteam bestaande uit 2 cardiologen en een internist ouderengeneeskunde stelde uiteindelijk de definitieve diagnose hartfalen na beoordeling van de gegevens die in het verpleeghuis waren verzameld.

Setting

5 grote zorgorganisaties in Zuid-Limburg.

Deelnemers

Zowel permanent opgenomen somatische als psychogeriatrische verpleeghuisbewoners (65+) participeerden in de studie.

Belangrijkste uitkomstmaten effectiviteit

  • Prevalentie van hartfalen bij verpleeghuisbewoners
  • Inzicht in de huidige behandeling van hartfalen in het verpleeghuis
  • Inzicht in de zorgafhankelijkheid en ervaren kwaliteit van leven van verpleeghuisbewoners met hartfalen

Belangrijkste onderwerpen procesevaluatie

Niet verricht in dit onderzoek.

Wetenschappelijke beschrijving

De onderzoeksprojecten binnen het NPO zijn ook langs de wetenschappelijke meetlat gehouden, volgens nationaal en internationaal gebruikelijke methoden. Naast meer informatie over het design, de omvang en looptijd van de studie, bevat de wetenschappelijke beschrijving ook een beoordeling van de opzet en uitvoering van de studie. De beschrijvingen zijn voorgelegd aan de projectleiders en in sommige gevallen op basis van aanvullende informatie aangepast. Het meest 'sterke' design binnen de studie is beoordeeld. Wanneer er meerdere designs zijn toegepast, is de beschrijving van wetenschappelijke evidentie daardoor niet volledig. Lees zowel de algemene beschrijving als de wetenschappelijke beschrijving voor een compleet oordeel over het project.
Lees de wetenschappelijke beschrijving van Prevalentie, diagnostiek en behandeling van hartfalen bij verpleeghuisbewoners (pdf)

Lees verder

Reageer

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen [].
Voorbeeld: [www.voorbeeld.nl] of [http://www.voorbeeld.nl]
Velden met een (*) zijn verplicht.

Deze website gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten