Robbert Huijsman over het GENERO project Ketenzorg Ouderen Walcheren

Bijzonder hoogleraar Management en Organisatie van de Ouderenzorg Robbert Huijsman ziet vrijwel geen toekomst meer voor psychogeriatrische verpleeghuizen. Kleinschalige oplossingen zoals begeleid groepswonen hebben zijn voorkeur. 'Mensen met dementie hebben baat bij het zoveel mogelijk vasthouden van de dagelijkse routine in een vertrouwde omgeving.'

Robbert Huijsman, Erasmus Universiteit (Foto: Levien Willems)

Als het aan Huijsman ligt zijn er over 20 jaar veel minder verpleeghuizen. Groepswonen is naar zijn mening de toekomst van de ouderenzorg rond dementie. 'Er zijn op dit moment 250.000 mensen met dementie. Dit aantal gaat de komende jaren verdubbelen. Het is niet haalbaar die verdubbeling op te vangen in de verpleeghuiszorg zoals die nu georganiseerd is. Bovendien hoort iemand met dementie niet thuis in een verpleeghuis. Zolang mogelijk thuisblijven is het beste.'

Zinnige en zuinige zorg

Zijn parttime hoogleraarschap bij het Instituut Beleid & Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam combineert Huijsman met een functie als manager kwaliteit en innovatie bij zorgverzekeraar Achmea. In die rol werkt hij aan een beter inkoopbeleid van 'zinnige en zuinige zorg'. 'Wij zoeken naar interventies die bijdragen aan een betere kwaliteit van leven door een betere kwaliteit van zorg. Die dan ook nog eens bijdragen aan het beheersen van de kosten.' Een van de ontwikkelingen die de verzekeraar actief ondersteunt is de omslag van zorginstellingen naar meer zelf- en samen-redzaamheid en meer kleinschalige zorg in de eigen wijk en buurt.

Sociale systeem in stand houden

Een goede afstemming tussen de huisarts, thuiszorg, gemeente en welzijnsorganisaties moet ervoor kunnen zorgen dat mensen met dementie zolang mogelijk thuis blijven wonen, vindt Huijsman. 'Ook is het nodig dat we mantelzorgers goed ondersteunen om het vol te houden. Door het aanreiken van kennis en ondersteuning en soms respijtzorg zodat de mantelzorger even kan bijtanken. Dementie doet een zwaar beroep op de partner of mantelzorger en geeft veel onzekerheid over wat er precies gebeurt. Ook de thuiszorg kan daarop inspelen door het sociale systeem zo goed mogelijk te ondersteunen.' Volgens Huijsman is er ook veel meer te doen met technologische oplossingen zoals domotica en spreek- en luisterverbindingen die kinderen en hulpverleners op afstand dichterbij halen.

Andersoortige zorg

'Pas als thuiswonen niet meer gaat, is kleinschalige zorg een goede oplossing. Dat hoeft dus niet in een zorginstelling, maar kan in gewone woningen in de wijk in groepen van zes of zeven bewoners. De dagelijkse routine wordt daarbij zoveel mogelijk in stand gehouden, omdat de ouderen zo veel mogelijk zelf koken, boodschappen en andere kleine huishoudelijke taken doen.' Huijsman denkt dat je voor deze 'dagelijkse routinezorg' andersoortige zorgprofessionals kunt inzetten. 'Hoogopgeleide zorgprofessionals heb je hiervoor niet nodig, maar wel iemand die kan omgaan met groepsdynamiek en goed inzicht heeft in het ziekteproces. Die als een soort ‘moeder’ de groep begeleidt bij de dagelijkse bezigheden en de zorg alleen inschakelt als het echt nodig is. Daarbij bepaalt het dagelijks leven het ritme, niet het medisch regime.'

Naar betere ouderenzorg

De zorg voor dementerenden is voor Huijsman een illustratief voorbeeld voor verdere verbetering en innovatie van de hele ouderenzorg. Dat vergt onder andere nieuwe verbindingen tussen wonen, zorg en welzijn, tussen mantelzorgers en professionals, met veel meer gebruik van technologie.

Meer ervaringen

Reageer

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen [].
Voorbeeld: [www.voorbeeld.nl] of [http://www.voorbeeld.nl]
Velden met een (*) zijn verplicht.

Deze website gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten