Landelijke Database (LDB)

Wie: Projectgroep Landelijke Database
Naam project: Landelijke Database (LDB)
Doel: Realiseren van een landelijke database waarin MDS-gegevens vanuit de NPO-netwerken samengevoegd worden. Daarnaast realiseren van een organisatiestructuur voor de uitvoering van overkoepelende analyseprojecten en een regelingenkader waarin afspraken worden gemaakt over het gebruik van de gegevens.
Middel: Landelijke database
Uitgevoerd door: Alle acht de UMC’s, coördinatie UMC St. Radboud

Het doel van het NPO is overduidelijk: betere ouderenzorg. Maar hoe weet je of ouderen inderdaad garen spinnen bij de vele inspanningen en experimenten? Door te meten. Naast de metingen die de projecten uitvoeren, vullen alle 38.000 ouderen en mantelzorgers die betrokken zijn bij een van de experimenten van het NPO ook een standaard vragenlijst in. De projectgroep Landelijke database verwerkt hun antwoorden en maakt vergelijken van de resultaten mogelijk.

Landelijke Database

“Ieder project legt de effecten grondig vast maar het is ook heel zinvol als je de vele experimenten straks met elkaar kan vergelijken”, zegt René Melis van de projectgroep Landelijke database en verbonden aan het UMC St. Radboud. “Welke interventie levert het meest op? Nog voor de start van het NPO is bedacht dat het handig is in alle projecten gebruik te maken van een Minimale Dataset (MDS), een soort vragenlijst. De MDS is verplicht maar de bereidheid er energie in te stoppen is bij de netwerken ook groot. We kunnen immers gaan vergelijken en analyseren op landelijk niveau.”

Rapportcijfer voor leven

De ouderen en eventueel de mantelzorgers vullen bij aanvang van een experiment de vragenlijst in. Ze geven met antwoorden op ongeveer 50 vragen onder meer aan hoe hun gezondheid is, waarbij ze hulp nodig hebben, of ze vaak somber zijn, hoe hun kwaliteit van leven is en welk rapportcijfer ze hun leven geven. Dezelfde vragen vullen ze na afloop van het experiment opnieuw in. “We hebben voor een bondige dataset gekozen omdat het bovenop de evaluatie van een project komt”, verduidelijkt Melis, die tevens projectleider is van een transitie-experiment van het regionale netwerk ZOWEL NN. “Bij ons netwerk loopt bijvoorbeeld een project om de voorlichting aan ouderen te verbeteren. Of dat is gelukt kan je niet meten met de bewust algemeen gehouden MDS. Andere projecten onderzoeken namelijk weer heel andere interventies. Het moet uiteindelijk wel leiden tot meerwaarde voor ouderen en dat inzicht kan analyse van de MDS verschaffen. Tevens is precies duidelijk welke mensen zijn onderzocht. Kwetsbaar is bijvoorbeeld een begrip dat niet overal precies hetzelfde wordt uitgelegd.”

Gezondheidswinst meten

Bij veel experimenten kijken de onderzoekers ook naar efficiency: wat zijn de kosten en de baten. De MDS kan bijvoorbeeld inzichtelijk maken of het aantal ziekenhuisopnames na het experiment is afgenomen, er minder mensen naar een verpleeg- of verzorgingshuis zijn gegaan of dat er minder een beroep op de thuiszorg is gedaan. De dataset kan ook de gezondheidswinst inzichtelijk maken. Melis: “Als veel ouderen na een experiment hun leven een hoger cijfer gegeven dan zegt dat wat over het succes van een aanpak. In tijden van groeiende zorgkosten en bezuinigingen is het van belang te laten zien dat er goede resultaten zijn geboekt.”

Lees meer over de Minimale Data Set.

Deze website gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten